Ervaringen in Wilpattu National Park
Wilpattu National Park bezoeken

Waarom gaan
Het is het grootste nationale park van Sri Lanka, met net zoveel luipaarden als het bekendere Yala National Park. Het fijne aan Wilpattu is vooral hoe veel rustiger het er is. Waar je in Yala National Park bij elke waarneming van een luipaard of olifant 30 tot 40 jeeps rond de dieren ziet staan, zijn dat er in Wilpattu maar 5 tot 6.
Wat je hier kunt doen of zien
Wilpattu is vooral beroemd om zijn luipaarden - naar schatting leven er hier meer dan 300. Naast luipaarden vind je in Wilpattu ook allerlei ander wild, waaronder olifanten, lippenberen, herten, wilde zwijnen, waterbuffels en krokodillen. Het is ook een geweldige plek voor vogelliefhebbers, want hier leven endemische vogelsoorten zoals de junglehoen, de geschilderde ooievaar, uilen, sterns, meeuwen, adelaars en reigers.
Beste reistijd
De beste tijd om Wilpattu National Park te bezoeken is van februari tot oktober, in het droge seizoen wanneer dieren naar de waterplaatsen komen. In het regenseizoen (november tot januari) is het park vaak gesloten door hevige regen en overstromingen.
Voor wie is het?
Als je op zoek bent naar avontuur en minder drukte, ga dan naar Wilpattu. Het is wat lastiger te bereiken dan Yala, waardoor het veel meer voelt als een plek buiten de gebaande paden. Wilde dieren zijn hier soms wat moeilijker te spotten, omdat het nationale park bedekt is met dicht bos, dus het is echt iets voor wie van het zoeken houdt. Dat gezegd hebbende: toen wij er waren, hebben we wel een luipaard en een olifant gezien!
Toptips
- Het is belangrijk dat je je eigen natuurgids neemt en niet een gids die door het park is aangewezen. De kwaliteit van parkgidsen is wisselend — sommigen spotten nauwelijks wildlife en weten er ook niet zo veel van.
- Ga het liefst voor een dagsafari, omdat het even duurt om het park in en uit te komen. Met een halve dagsafari breng je minder tijd door in de belangrijkste gebieden.

























